februari 1998 door Karlheinz Zöchling.
We gaan het hebben over de gooitechniek van de dart pijlen. Oftewel de fysica achter het gooien van een dart. 
In eerste instantie gaan we kijken hoe de dartpijl “vliegt”. Deze verplaatst zich langs een parabolische curve, dezelfde curve als b.v. een  steen of een  projectiel  die gegooid word.   Zie afbeelding.

De curve kan hoger of lager zijn, dit is afhankelijk van hoe hard er word gegooid. Een goede techniek zorgt ervoor dat de dartpijl precies langs deze parabolische curve reist zodra deze je hand verlaat. 
Hoe houd je de pijl vast? Hiervoor kijken we naar de mechanica(verhouding van draaipunten) van de arm.
Zoals in onderstaand plaatje zie je 3 hefbomen verbonden  met 2 draaipunten.  

Kijkend naar de bovenstaande afbeelding, de 2 gewrichten zijn verbonden met de elle boog en de pols. De schouder is de basis, de 3 hefbomen zijn de bovenarm, de onderarm en de hand.  
Als je op school mechanica gehad hebt weet je dat met deze “constructie” elke willekeurige curve kunt gooien.
De bovenstaande afbeelding toont de start houding voor de gooi. In de volgende geanimeerde afbeelding is te zien hoe de gewrichten met de hefbomen samenwerken tot een goede gooi techniek, zodat de curve goed gevolgd word.

 

DO’s and DON'Ts voor het gooien

Voordat je verder leest kun je het beste eerst de animatie  goed bestuderen.
Gewrichten en hefbomen
De schouder: Dit is het enige punt in het hele proces dat zijn positie niet verandert. Dus je moet je lichaam (schouder) niet bewegen (dat is een DON’T) bij het werpen. Het enige wat beweegt is je arm.
De elle boog: Deze blijft op zijn plek bij het achterwaarts bewegen van de pijl. Met de start van de voorwaartse beweging is vaak het advies om de elle boog stil te houden, dit eigenlijk verkeerd, zie animatie. Een elle boog die je in hoogte hetzelfde houd dwingt je om de pijl eerder los te laten. Zie het als het verschil in een pistool en een geweer, vanwege de korte loop is de nauwkeurigheid minder.   
Door het omhoog brengen van je elle boog is je beweging langer waardoor je een betere controle over je pijl hebt.
Let op dat de hand de baan (curve) van de pijl blijft volgen, zodat het minder belangrijk word wanner de pijl word los gelaten, de pijl blijft sowieso de curve volgen.
De pols: de pols beweegt niet veel in de animatie en dit is eigenlijk ook niet nodig. Maar professionals gebruiken de pols voor het accelereren van de pijl deze techniek heet de “wrist snap” dit werkt hetzelfde als het uiteinde van een zweep.  Als je je pols gebruikt voor een acceleratie aan de dartpijl te geven dan hoef je de andere delen van je lichaam minder snel te bewegen .Hierdoor heb je minder kracht nodig voor je worp, waardoor je nauwkeurigheid beter word. Dit betekend wel een extra techniek welke aangeleerd moet worden, dit is niet aan te raden voor beginners.
De fasen van de worp:
Mikken: zorg dat je ogen, de pijl en het doel dat je wil raken in één lijn zijn. Laat je niet afleiden maar kijk naar het punt op het dartbord dat je wilt raken. Al mik je op een andere manier zorg mikt. Veel beginners mikken niet van nature.  Mikken is een DO.
Achterwaartse beweging: Doe deze rustig. Veel beginners zijn bang om hierdoor onnauwkeurig  te gooien maar door oefening zal deze je worp verbeteren. Er zijn maar weinig succesvolle darters welke de achterwaartse beweging niet gebruiken dus voor 99% van de darters is dit een DO. Hoe groot deze achterwaartse beweging is, is een gevoelskwestie, maar maak deze beweging vooral niet te kort. Zie animatie als voorbeeld. Zorg ervoor dat het eindpunt van de achterwaartse beweging zo ver mogelijk naar achteren zich bevindt . Beweeg je arm langs je gezicht zodat je niet je neus of je oog raakt. Als je achterwaartse beweging te kort is lever je een hoop in voor wat betreft de nauwkeurigheid en de acceleratie van de pijl. Dit vergt wat oefening maar de resultaten zullen beter zijn.
Acceleratie: het belangrijkste van de snelheid is dat deze geleidelijk in de worp word opgebouwd. Zorg ervoor dat je niet een schok hebt in een bepaalt punt van je worp. Doel is een mooie geleidelijke acceleratie  is over de gehele voorwaartse beweging. Denk eraan dat als je “wrist snap” wilt toepassen dan doe je dat op het moment dat je elle boog omhoog komt.
Los laten: dit gebeurt eigenlijk vanzelf als de bovenstaande techniek goed word uitgevoerd. Als je toch hier problemen mee ondervind zal er in de worptechniek iets fout zitten. Het kan zijn dat je elle boog niet omhoog gaat of je maakt je worp niet goed af zoals eerder beschreven. 
Worp afmaken: heel belangrijk. Denk terug aan de vergelijking met het geweer en het pistool. Een typische beginners fout is dat je je arm direct na de gooi naar beneden laat vallen. Zorg dat je arm omhoog blijft en gericht op het gekozen doel.
Een andere DON’T is dat de punt van de pijl naar beneden wijst tijdens de worp, dit moet je ten alle tijden voorkomen.
Wiebelende pijlen: Van bijna elke beginner wiebelt de pijl tijdens de vlucht. Bij professionals gebeurt dit nauwelijks. Wiebelende pijlen kunnen de volgende oorzaken hebben:
• Je curve van je worp is niet parabolische.
• De flight en/of shafts voldoen niet aan de aerodynamische eisen. Gebruik standaard flights en midden lengte shafts voor het eerste onderzoek.
• Ergens in je worp maak je een hapering met je arm.
• Meest waarschijnlijke: De dart punt wijst ergens in je worp naar beneden.
• Onwaarschijnlijk optie is dat de dart punt te veel naar boven wijst in je worp.

Mocht je nog problemen en of vragen hebben over de technieken van de worpen kan er altijd contact worden opgenomen met ons.
    05-09-2018 22:45     Reacties ( 0 )
Reacties (0)

Geen reacties gevonden.